Particulieren

    Stress?
Stress brengt je in staat van paraatheid. Je polsslag versnelt, je spieren spannen zich en je ademhaling wordt sneller en dieper. Het is de spanning die je voelt voor een examen, een optreden of een moeilijke klus. Stress bevordert je concentratie en zorgt ervoor dat je extra alert reageert. Zodra de klus of de gebeurtenis voorbij is, gaat de spanning vanzelf weg. Deze ‘stress’ hoort bij het leven en is gezond.
Stress is ongezond als je te lang spanning voelt en je geen tijd kunt of wilt nemen voor ontspanning.
Die spanning kan allerlei oorzaken hebben. Bijvoorbeeld een constant te hoge werkdruk, werkproblemen, spanningen in je gezin door ziekte of ruzies, opgekropte angsten, onbevredigde verlangens... ongemerkt kunnen er veel ‘stressoren’ de overhand nemen in je leven. Als je er verkeerd mee omgaat, raak je overbelast of uitgeput. In het ergste geval leidt dat overspannenheid of een burn-out. Het is daarom belangrijk de stressklachten tijdig te herkennen.

    Symptomen herkennen
Stress symptomen zijn op verschillende niveau’s te herkennen: lichamelijk, psychisch, qua gedrag en qua gedachten.
LICHAMELIJK
• Je bent steeds moe.
• Je slaapt slecht.
• Je hebt spierpijn, hoofdpijn, rugpijn.
• Je hebt maagpijn, darmstoornissen.
• Je hebt minder weerstand en daardoor meer kans op verkoudheid en griep.
• Je hebt hartkloppingen, een hogere bloeddruk en cholesterol.
• Je zweet en trilt meer.

PSYCHISCH
• Je kunt niet meer tot rust komen, je voelt je opgejaagd.
• Je bent prikkelbaar, snel geïrriteerd. Je hebt een ‘kort lontje’.
• Je hebt sombere buien, huilbuien en je piekert.
• Je voelt je angstig.
• Je kunt niet meer genieten, je voelt je lusteloos en futloos.
• Je kunt slecht beslissingen nemen.
• Je vergeet veel en je kunt je slecht concentreren.
• Je voelt je onzeker en je hebt minder zelfvertrouwen.
• Je hebt schuldgevoelens. 

GEDRAG
• Je presteert minder en je maakt meer fouten.
• Je rookt steeds meer en je gebruikt veel alcohol of drugs.
• Je eet te veel of juist te weinig.
• Je gebruikt steeds meer slaap- of kalmeringsmiddelen.
• Je hebt geen zin in seks.
• Je gaat steeds meer je sociale contacten uit de weg.

GEDACHTEN
• Je kunt angstgedachten hebben:  ‘het komt nooit meer goed’.
• Je kunt negatieve gedachten hebben:  ‘ik ben niets waard’.
• Je kunt agressieve gedachten hebben:  ‘ze kunnen barsten’.
• Je kunt zelfopofferingsgedachten hebben:  ‘ik zal het wel weer doen’.

Herken je een of meerdere van deze klachten dan is het goed om er iets aan te doen. Cees Schuurmans helpt je te voorkomen dat de klachten overgaan in overspannenheid of zelfs een burn-out.